Møn is een dunbevolkt eiland in het oosten van Denemarken. Er staat een grote concentratie grafheuvels en dolmen. Veel hebben in de loop der jaren plaats moeten maken voor de landbouw. Stenen werden hergebruikt. Toch is er nog veel te zien.

Het is de laatste week van de zomervakantie. Ik rijd langzaam en tuur om mij heen. Het weggetje door het glooiende landschap is smal. Er is amper ander verkeer. De meeste toeristen zijn blijkbaar al vertrokken. Bij een klein bol heuveltje staan bordjes. Dit is kennelijk de plek die ik zoek. Omdat ik een soort van Drents hunebed verwacht, ben ik daardoor verrast. Deze grafheuvel stamt net als onze hunebedden uit de late steentijd en is maximaal 5000 jaar oud.

Het hek voor de toegang staat open. De onderaardse gang naar de grafkamer is tien meter lang. Als ik me buk kan ik erdoor lopen. Langzaam ontstaat een pikzwarte duiternis. Ik was onvoorbereid en red me na een paar meter met het licht van de flitser van mijn fototoestel en met de mobiele telefoon. Zo bereik ik de grafkamer die dwars op de gang staat. Hij is iets hoger dan de gang, maar ik kan er nog niet in staan. De lengte is weer tien meter, de breedte twee. Voor het eerst besef ik hoe onze hunebedden er ooit uitgezien hebben.

20140823_123510Weer buiten blijken meer toeristen op het bouwwerk te zijn afgekomen; er staat een auto naast de mijne, kinderen stappen uit en rennen het heuveltje op. Als ik dat later ook doe, kijk ik uit over een vredig akkerbouwlandschap. Ik zie de zee en er staat een stevige wind.

Honderd meter verder ligt Sprovedyssen dat er meer vetrtrouwd uitziet, want de schikking van kale stenen lijkt sterk op onze hunebedden. Het betreft een restauratie. De stenen zijn deskundig herstappeld. Het bouwwerk staat midden in een kring van 35 stenen. Ook mooi, maar de duisternis van Kong Asgers Høj heeft meer indruk gemaakt.

Written by HRWibier